DECEMBERBLOEMEN                                                                                       terug

 

 

26011566582746rucola.jpg

 

In december 2018 registreerde ik fotografisch wat er in      een buurtparkje in bloei staat. Ik vind er veel éénjarigen, wilde bloemen, struikjes, klimplanten, gewassen in late    bloei in   de volkstuintjes. Het heeft nog niet gesneeuwd,    en nog niet diep gevroren. Weinig bloemen staan nog op eigen kracht rechtop, ze liggen neer, of zijn min of meer gestut.

Dat geeft een heel andere aanblik dan een zomerse bloem: ze staat niet meer, ze rust of ligt. Het kader dat haar  omgeeft is daardoor anders dan bij zomer- of lentebloei:   het is de aarde waarop de vertering en rotting van bladeren en hout bezig is. En het zonlicht bereikt haar enkel nog in een schuine hoek, op veel plekken in het parkje zelfs helemaal niet meer. Het zijn vaak kleine bloemen die nog bloeien, of is de late bloei altijd kleiner dan de volle   zomerse bloei?

 

 

Hoe verbinden we ons hiermee als kijker? Het gaat om afbeeldingen van een levend organisme, in een andere staat afgebeeld dan wat we gewoon zijn. Welke gevoelsmatige verbinding hebben we ermee? We weten dat op bloemen gevoelens geprojecteerd worden, dat er een wereld aan betekenissen en associaties op rust. We halen ze in huis om hun uitstraling van schoonheid, van gezondheid. Om ermee te pronken, om te bedanken, te eren, te verleiden, te herinneren, of om hun perfectie. We doen dat met bloemen in hun volle kracht. Maar wat zeggen ze in andere fases van hun bloeiend bestaan?

       22501566582505zonnehoed.jpg                                                                      91931566583626naam1.jpg

reeks van 25 foto's, formaat 9-6 cm, houten blokjes